Laatste nieuws
Start Auteur Daniël inleiding Bibliografie Laatste nieuws Openbaring v Johannes Gesprekspunten Links

 Sporen van de wederkomst van Jezus Christus   

 

Vorige
Omhoog
Volgende

 

De grote misser van uitleggers

Daniël 8

 

“ Zie, ik maak u bekend wat geschieden zal in het laatst van de gramschap; want het doelt op het tijdstip van het einde”. Dan. 8:19.

 

Naar de uitleg van Gabriël doelt het gezicht over de oorlog tussen de Ram en de Bok op de tijd van het einde, zodat Daniël daarin de tijd van het einde van het Perzische Rijk moest zien. Want Gabriël geeft pas uitleg over het gezicht, nadat hij op dezelfde plaats is gaan staan, waar Daniël stond. De verplaatsing geeft aan dat Gabriël bij Daniël de nadruk wilde leggen op de tijd van het einde van het Rijk van de Persen in de oorlog tegen Alexander de Grote.

“In het derde jaar van koning Belsazar verscheen mij, Daniël, een gezicht, na het gezicht, dat mij eerder verschenen was”.

Toen Gabriël bevel kreeg dit gezicht te doen verstaan, moest Daniël hem op de voet volgen en er op letten waar hij tijdens zijn uitleg stond. Door de inneming van dezelfde plek als Daniël, legt Gabriël alle nadruk op de tijd van het einde van het Perzische Rijk. Ook het feit dat Daniël zich tijdens het gezicht in de hoofdstad van het Perzische Rijk bevond, stelt het einde van het Rijk van de Persen centraal.

 “en ik hoorde een menselijke stem over de Ulai, welke zeide: Gabriël doe deze het gezicht verstaan. En hij kwam tot waar ik stond. ..maar hij zeide:

De nadrukkelijke duiding van de tijd van het einde van het Perzische rijk, die door de oorlog in het najaar van 333 voor Christus bij Issus plaatsvond, zou ons weinig zeggen als Gabriël niet meer had gezegd. Maar Gabriël voegt nog een opmerkelijke uitleg toe. Met zijn tweede uitleg verbindt Gabriël het Perzische Rijk ,dat in 333 voor Christus verslagen werd, ook nog met de laatste oorlog of gramschap op het einde van de tijden.
De tweede uitleg van Gabriël is een profetie die voorzegt dat het Perzische Rijk (Iran) in het laatst van de tijd opnieuw in een oorlog in het middelpunt van de wereld zal staan. Met de tweede uitleg voorzegt Gabriël behalve het einde van het Perzische Rijk in 333 voor Christus, ook nog een laatste oorlog door de Persen op het einde van de tijd. 
De herhaling: “want het doelt op de tijd van het einde” bevat een dubbele boodschap:

“Zie, ik maak u bekend wat geschieden zal in het laatst van de gramschap; want het doelt op de tijd van het einde.”

Maar om elk misverstand te voorkomen geeft Gabriël te kennen, dat alle vier wereldmachten bij dit gezicht zijn betrokken. Bij het gezicht in het derde jaar van Belsazzar is de Ram het Perzische Rijk en de Bok met één horen het Macedonische Rijk, met Alexander de Grote als eerste machthebber. Het Rijk van Alexander de Grote valt na zijn dood in vier koninkrijken uiteen. Maar geen van de vier opvolgers zal dezelfde kracht als Alexander de Grote hebben! Zodat de koning die daarna zal opstaan die sterk van kracht is, niet door eigen kracht, niet Antiochus IV kan zijn, maar een ander Rijk (vers 24)!

Want het bedoelde Rijk dat klein begon, is gegrond op de volksgunst in een democratie. Daar keizers van Rome door de burgers werden verkozen, begonnen ze in geestelijke zin “klein”.
Omdat de Romeinse keizers door de burgers werden verkozen, zijn ze sterk, maar niet door eigen kracht (vers 24). Ook gingen de Romeinse keizers in de strijd niet voorop als Alexander de Grote en Antiochus IV. Romeinse keizers bleven ten dienste van het volk in Rome. Doch om de volksgunst te behouden moest een keizer hard en listig zijn (vers 23). Het was om de volksgunst te behouden, waardoor vele christenen tot vermaak van het volk in het Colosseum te Rome door tien verschillende keizers op gruwelijke wijze de dood vonden. Ook was het de macht van de volksgunst, die Pontius Pilatus dwong Jezus, de Vorst der vorsten te kruisigen.

Hoewel Daniël 8 aansluit bij Daniël 7 die vier wereldmachten beschrijft, doen alle uitleggers ten onrechte alsof dit gezicht beperkt is tot het Perzische en Macedonische Rijk. fschoon de hebreeuwse grondtekst in vers 23 vertaald kan worden met “na” hun koningschap, vertalen alle uitleggers dit vers met “in het laatst van” hun koningschap. Uitleggers die vers 23 vertalen met “in het laatst van” hun koningschap, beperken het gezicht zonder geldige reden tot de tijd van de Griekse koning Antiochus IV:

“En na hun koningschap (RHK) als de boosdoeners de maat hebben vol gemaakt, zal er een koning opstaan, hard van aangezicht en bedreven in listen. En zijn kracht zal sterk zijn - maar niet door eigen kracht – en op ontstellende wijze zal hij verderf brengen, en wat hij onderneemt zal hem gelukken; Machtigen ak hij verderven, ook het volk der heiligen. En door zijn sluwheid zal hij het bedrog dat hij aanwendt, doen gelukken…Ook tege de Vorst der vorsten zal hij optreden”.

Uitleggers die het gezicht beperken tot de tijd van Antiochus IV moeten de grondtekst meerdere keren geweld aandoen. Want deze uitleggers doen alsof het einde van het dagelijkse offer en de verwoesting van de tempel gekomen is, toen Antiochus de tempel tussen 167-165 voor Christus tijdelijk ontwijdde. Doch de verandering van plaats door Gabriël naar waar Daniël stond en zijn herhaalde uitleg dat het gezicht doelt op de tijd van het einde, is ook van toepassing op de tijd van het einde van het dagelijkse offer en de tempel, zodat hun absoluut einde is bedoeld.

Verder heeft Antiochus IV de tempel ontwijd, nadat hij door een Romeinse generaal.was  gedwongen Egypte te verlaten. Eerder in 189 voor Christus was Antiochus in Syrië al door de Romeinse legioenen verslagen! Zodat wanneer er sprake is van een koning die doet wat hem goeddunkt deze niet Antiochus IV is, maar een Romeinse machthebber. Het absolute einde van het offer en de tempel is niet door Antiochus IV gedaan, maar door Romeinse legioenen in 70 na Christus. Behalve de tempel hebben de Romeinen toen onder leiding van Titus de stad Jeruzalem met de grond gelijk gemaakt!

Bovendien lezen alle uitleggers evenals de Staten vertalers vers 12 over de ontzettende overtreding ten onrechte in de verleden tijd, terwijl het taalkundig alleen in de toekomende tijd kan worden vertaald. De vertaling in de toekomende tijd betekent dat de ontzettende overtreding een profetie is, die noch door Antiochus IV noch door de Romeinen is gemaakt, maar door mohammedanen. Mohammedanen hebben in 690 na Christus op de plaats van de tempel “de koepel van de Rots” gebouwd met het opschrift: “God heeft geen Zoon”.

Terwijl het avond en morgen offer in Jeruzalem verwijst naar het lijden en sterven van het Lam Gods dat de zonde van de wereld wegneemt, maakt het opschrift op de genoemde moskee het tot een leugen. Moslims verwerpen het verzoenend sterven van Jezus en noemen het zelfs blasfemie. Terecht noemen heiligen deze moskee met zijn opschrift een ontzettende overtreding en een tegenover van het dagelijkse offer dat naar het Lam Gods verwees. Deze overtreding zal volgens een heilige in de eindtijd na 2300 avonden/morgens hersteld worden:

“En een eredienst werd in overtreding ngesteld tegenover het dagelijks offer; en hij wierp de waarheid ter aarde, en wat hij ook deed gelukte hem.”

Hoewel een profetie pas bij uitkomst is te verstaan en toe te passen, toch lukte het de meer genoemde uitleggers niet de 2300 avonden/morgens op Antiochus IV voluit toe te passen!
Maar de heiligen stellen hun vraag over de tijdsduur vanaf het gezicht, zodat ze het tellen van de 2300 avonden/morgens beginnen vanaf de tijd van het einde van het Perzisch Rijk, dat is vanaf 333 vóór Christus. En daar Gabriël van de 2300 avonden/morgens i.v.m. de tijd van het einde heeft gezegd dat het waarheid is, mag het getal niet symbolisch worden verstaan.

Echter, omdat een profetie pas bij uitkomst is te verstaan, geldt dat ook voor de 2300 avonden/morgens. Pas na het tot zijn recht komen van de ontzettende overtreding is na te gaan of de 2300 avonden/morgens in dagen of jaren moet worden toegepast.
Gerekend vanaf het einde van het Perzische Rijk in 333 vóór Christus, komen de 2300 avonden/morgens in jaren overeen met het herstel in rechte staat van het tempelplein in 1967.

Welnu, na de zesdaagse oorlog van Israël in 1967 hebben Joden en christenen uit de hele wereld toegang tot de Klaagmuur in Jeruzalem gekregen. Sinds 1967 kunnen Messias belijdende Joden en christenen uit alle delen van de wereld bij de Westelijke muur te Jeruzalem, de klaagmuur, in de naam van Jezus, het Lam Gods, tot God bidden.

Maar ook is sinds 1967 de “ontzettende overtreding” door het opschrift op “de Koepel van de Rots” openbaar, die de valse leer van moslims en vele Joden aan het licht brengt. Want hun overtreding is, dat ze de wet prediken zonder het evangelie van Jezus. In plaats van verzoening door het bloed van Jezus als Gods Zoon zoeken moslims “goede” werken als weg tot Gods koninkrijk, terwijl de meeste Joden Jezus niet geloven als de Messias.

“En ik hoorde een heilige spreken en een heilige zeide tot degene die sprak, hoelang is dit gezicht, het volmaakte, de verwoestende overtreding, het prijsgeven van het heiligdom en het vertrappen van het heir
En hij zeide tot mij tweeduizend drie honderd avonden en morgens; dan zal het heiligdom tot zijn recht worden gebracht”.

De moskee op het tempelplein is geen misser van God. Want sinds 1967 zijn biddende christenen bij de klaagmuur een oproep tot bekering aan Joden en moslims, die ten onrechte geloven in goede werken als heilsweg! De Bijbel zegt dat geen mens door goede werken wordt gered. Daar allen gezondigd hebben tegen God en de naaste, mist iedereen zonder Jezus het Koninkrijk Gods. Tot zijn recht komen gebeurt door christenen die in de naam van Jezus bij de klaagmuur bidden. Door hun bidden in de naam van Jezus kunnen Joden en moslims horen, dat “goede werken” geen eeuwig leven geeft, maar het verzoenende bloed van Jezus.

De Eeuwige heeft de Rotskoepel als ontzettende overtreding in 1967 tot zijn recht gebracht. Want Jezus zei: “Niemand komt tot de Vader dan door Mij”. Met andere woorden, niemand krijgt deel aan Gods Koninkrijk dan door het verzoenende bloed van Jezus, Gods Zoon. Door biddende christenen komt de Rotskoepel sinds 1967 naar Gods bedoeling tot zijn recht.
Alleen het bloed van het Lam Gods redt elke “zondaar”, die Hem van harte aanroept in nood:

“En het gezicht vsn de avonden en de morgens, waarvan gesproken werd, dat is waarheid. Gij nu, houd het gezicht verborgen, want het ziet op een verre toekomst”.

Dankzij de zesdaagse oorlog is de toegang tot de klaagmuur in 1967 open, en de heilsweg tot het koninkrijk van God door bezoekende en biddende christenen voor iedereen hoorbaar.
Dat geldt ook voor de uitleg van Gabriël over de komst van de laatste oorlog door Iran. Dankzij de komst van de profetie over de 2300 avonden/morgens in antwoord op de heilige, komt eveneens de profetie over de komst van de laatste oorlog door de Persen in het vizier.
De precieze uitkomst van de voorzegde 2300 avonden/morgens in jaren bepaald de mensheid bij de waarheid van de profetie over de komst van het Perzische Rijk als de laatste gramschap. Daar deze oorlog de laatste gramschap is, markeert zijn komst de tijd van het einde.

Daarbij is de uitkomst van de 2300 avonden/morgens in 1967 voorteken van het einde. Zoals de 2300 avonden/morgens in 1967 door de zesdaagse oorlog werkelijkheid werd, precies eender komt de tijd van het einde door de oorlog tussen Iran, Israël en het Westen. De uitkomst van de profetie over de 2300 avonden/morgens in 1967 is een laatst bewijs van God, dat de geprofeteerde oorlog door Iran de tijd van het einde van de gramschap markeert.

Doordat de leiders van Iran de oorlog hebben verklaard aan Israël, de Verenigde Staten van Amerika en Europa, verkeert de wereld in de spanning over de komst van het einde. Zowel 1967 als de komst van het Perzische Rijk zijn beide tekenen van de tijd van het einde.
Het zwijgen van de kerken hierover, komt door de grote misser van uitleggers over Daniël 8:

“ Zie, ik maak u bekend wat geschieden zal in het laatst van de gramschap; want het doelt op het tijdstip van het einde”.

.

NAAR BOVEN

 

 


 

Van de vier komende wereldrijken was Daniël reeds eerder op de hoogte gebracht door de droom van Nebukadnezar.
Bron: www.bibleexplained.com
Droomuitlegging door Daniël

De
tijd
van
het
einde
 

 

 

 

 

 

 


 

 


 

De vier wereldrijken zijn vier dieren , zolang ze God niet kennen noch erkennen.
Bron: www.bibleexplained.com
Het vierde dier is onbekend, als uitdrukking
van zijn vreselijkheid.

.

Het
vierde
Rijk
dat
"klein"
begon
is
Rome

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 




Er is geen stad in de wereld waarom zoveel strijd is geleverd om de ware godsdienst als Jeruzalem.Bron: Bron: Ellips
Moslimstrijders bij Jeruzalem.

De
ontzettende
overtreding

 

 

 

 




 


Het collosseum is het symbool van brood en spelen, en de martelaren van Christus. Bron: Encarta encyclopedie
Het Collosseum van Rome is
teken van brood en spelen.

 

 

Laatste
opkomst
van de
Persen,
Iran
is
einde
gramschap
 

 

 

 

 

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

 


 


De  Rotskoepel op de plaats van het offer is een gruwel der verwoesting door hun leer over de goede werken.
Bron: Encarta encyclopedie
De Koepel van de rots het symbool van
geestelijke strijd over de ware godsdienst.

START      Copyright © 2021, voor meer informatie: ds.r.h.keegstra@planet.nl of  0594 549542;  Laatst gewijzigd: 10-02-2026