Laatste nieuws
Start Auteur Daniël inleiding Bibliografie Laatste nieuws Openbaring v Johannes Gesprekspunten Links

 Sporen van de wederkomst van Jezus Christus   

 

Vorige
Omhoog
Volgende

 

Het geheim van de zeven steden en engelen

Openbaring 1:8-2:1

 

“Schrijf wat gij gezien hebt, én hetgeen is én hetgeen na dezen dreigt te geschieden”. Openbaring 1:19.

 

Bij de inleiding van dit boek verklaart Johannes dat hij om het woord van God en het getuigenis van Jezus op het eiland Patmos was. En om aan te geven waar het ten diepste omgaat in de geschiedenis van de Kerk tot het oordeel, verklaart hij een broeder te zijn en deelgenoot in de verdrukking, van het Koninkrijk en de volharding. Beide verklaringen geven aan dat ook Johannes zich door het kruis van Jezus schuldig weet en volhardend bidt om vergeving:

“Ik ben de alpha en de oméga, zegt de Here God, die is en die was en die komt, de Almachtige. Ik, Johannes, uw broeder en deelgenoot in de verdrukking en in het Koninkrijk en de volharding in Jezus, was op het eiland, genaamd Patmos, om het woord van God en het getuigenis van Jezus”.

Doch alle uitleggers maken van “de zeven steden” het adres en  beperken de inhoud van de brieven tot de tijd van Johannes. Maar het Griekse woord “eis” betekent behalve “naar” ook “in”! Vertaling met “in” geeft aan dat Johannes moest schrijven en als profetie bekend maken, wat hij op een zondag “in” zeven steden zowel aan werelds als geestelijk leven heeft gezien: “in” Efeze, “in” Smyrna, “in” Pergamum, “in” Thyatira, in Sardis, in Philadelphia en in Laodicea. Johannes kreeg dus met het gezicht over zeven steden  en het geestelijke leven van hun gemeenten, profetieën over de toekomst van de wereld en de Kerk. Want Jezus gaf Johannes opdracht tot schrijven, nadat Hij gezegd had: “Ik ben de alpha en de omega.” De zeven steden en hun gemeenten uit de dagen van Johannes beschrijven als profetie de toestand van de wereld en de Kerk van Pinksteren tot het einde.

Derhalve moet het Griekse “eis” niet als “naar”, maar met “in” worden vertaald en toegepast. Zodat Johannes moet schrijven en de zeven gemeenten (de Kerk) bekend maken, wat hij ziet in Efeze, en in Smyrna, en in Pergamum, en in Thyatira, en in Sardis, en in Philadelphia, en in Laodicea. Kortom, Johannes moet de kerken bekendmaken dat alles wat hij in het gezicht ziet in de steden en hun gemeenten profetieën zijn over de toekomst van de wereld en de Kerk.
Maar uit het omkeren van Johannes wordt zichtbaar dat hij het gezicht op die zondag en de profetische betekenis van de steden en hun gemeenten aanvankelijk niet heeft begrepen:

“Ik kwam in vervoering des geestes op de dag des Heren, en ik hoorde achter mij een luide stem, als van een bazuin, zeggende: hetgeen gij ziet in Efeze, en in Smyrna, en in Pergamum, en in Thyatira, en in Sardis, en in Philadelphia en in Laodicea, schrijf dat in een boek en zend het aan de zeven gemeenten (vertaling van RHK).”

Ondanks het woord van Jezus dat Hij de alpha en de omega is, zodat Hij het wereldgebeuren van Pinksteren tot het einde leidt en bestuurt, schreef Johannes niet, maar keerde zich om. Maar toen Johannes zich omkeerde, viel hij bij het zien van Gods Zoon op de grond. Hij viel niet bij het zien van de majesteit van Jezus. Want zijn heerlijkheid heeft Johannes reeds bij de verheerlijking op de berg gezien, zonder als een dode neer te vallen. Daarom ligt het meer voor de hand dat het scherpe zwaard in de mond van Jezus hem als een dode maakte. Want behalve dat Jezus hem aanraakte, kreeg Johannes bevel niet voor Hem te vrezen. Intussen, terwijl Jezus tot Johannes zegt: “vrees niet”, legt Hij door zijn aanraking verbinding tussen de engelen op zijn rechterhand en het gezicht, wat Johannes heeft gezien.

Doch Jezus zegt niet alleen dat Hij “de eerste is en de laatste”, maar ook wat het betekent. Door zijn lijden en sterven en opstanding heeft Hij als “de eerste” de dood overwonnen. En met betrekking tot “de laatste” zegt Jezus dat Hij de sleutels van de dood en de hel heeft. Als “de laatste” komt Jezus straks op de wolken om te oordelen de levenden en de doden.

Jezus verschijnt met een tweesnijdend scherp zwaard in de mond niet om Johannes en de Kerk vrees aan te jagen, maar om te tonen dat Hij behalve de Kerk ook de wereld regeert. Sterker nog, Jezus verschijnt met het tweesnijdende scherpe zwaard in zijn mond om Johannes te bewegen, de Kerk op de hoogte te brengen van de profetische betekenis van de zeven steden en hun gemeenten, zoals Jezus die in het gezicht aan hem heeft getoond. Want het tweesnijdende scherpe zwaard in de mond van Jezus wijst niet alleen op het toekomstige oordeel, maar hier en nu op zijn almacht en heerschappij in onze wereld. Terwijl Jezus door de aanraking van Johannes met zijn rechterhand met sterren, de engelen behalve met de Kerk ook met de bijzonderheden van de steden verbindt, die de toestand in de wereld aangeven:

“En ik keerde mij om, ten einde de stem te zien, die met mij sprak. En toen ik mij omkeerde, zag ik zeven gouden kandelaren, en te midden van de kandelaren iemand als eens mensenzoon, bekleed met een tot de voeten reikend gewaad, en aan de borsten omringd met een gouden gordel; en zijn hoofd en zijn haren waren wit als witte wol, als sneeuw, en zijn ogen als een vuurvlam; en zijn voeten waren gelijk koperbrons, als in een oven gloeiend gemaakt, en zijn stem was als het geluid van vele wateren. En Hij had zeven sterren in zijn rechterhand en uit zijn mond kwam een tweesnijdend scherp zwaard; en zijn aanzien was gelijk de zon schijnt in haar kracht.
En toen ik Hem zag, viel ik als dood voor zijn voeten; en Hij legde zijn rechterhand op mij en zeide: Wees niet bevreesd, Ik ben de eerste en de laatste, en de levende, en Ik ben dood geweest, en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheden, en Ik heb de sleutels van de dood en het dodenrijk”.

Immers uit de opdracht tot schrijven wordt meteen duidelijk dat Johannes op Patmos twee dingen zag. Johannes zag als eerste op grote afstand de bijzonderheden van de steden en de toestand van hun gemeenten, zoals die in de dagen van de apostel waren (hetgeen is).
Maar Johannes moest ook andere geheime dingen beschrijven, die hij in het gezicht had gezien over de dingen die na hem in de tijd gebeuren (hetgeen na dezen geschieden zal)! Daarover zei Jezus dat het geheim van hetgeen na dezen geschieden zal in de zeven sterren geschreven staat, die Hij op zijn rechterhand draagt. Doch de sterren zijn de engelen van de gemeenten. En daar deze engelen de profetieën moeten uitvoeren, zijn het geen voorgangers!

Doch daar de brieven aan engelen geadresseerd zijn en dezen als boodschappers in dienst van God zijn, zit hun boodschap als profetie in elke brief verborgen. Hetgeen wat na dezen geschieden zal zit dus als een geheim verborgen in de bestaande bijzonderheden van elke stad en de geestelijke toestand van hun gemeente. Zodat elke brief aan één van de zeven engelen in de bestaande toestand van de betreffende stad en zijn gemeente (wat is), als profetie de toestand van de wereld en de Kerk in de toekomst verbergt (hetgeen na dezen geschieden zal).

Behalve het onthullen van het geheim van hetgeen na dezen geschieden zal, dat verborgen is in hetgeen wat is, onthult Jezus ook "de tijd" wanneer de brieven gebeuren. De tijd van de brieven onthult Jezus  door zeven gouden kandelaren! De gouden kandelaar verdreef tijdens de nacht in de tempel de duisternis, zodat de kandelaar de tijd van het donker markeerde. Zoals de gouden kandelaar de tijd van het donker in de tempel markeert, geldt dat ook voor het donker in de brieven. Zoals de kandelaar de tijd van het donker in de tempel markeerde, zo markeert de kandelaar het donker in de brieven. Want de gouden kandelaren zijn volgens Jezus zeven gemeenten. En daar de gouden kandelaren zeven gemeenten zijn, verdelen de kandelaren de tijd van de gemeenten in zeven perioden tussen Pinksteren en het oordeel. Door de uitleg van het geheim leert Jezus Johannes en de Kerk dat de bijzonderheden van de zeven steden en de toestand van de gemeenten profetieën zijn. Terwijl de plaats van de brief in de reeks van zeven de tijd of periode aanduidt wanneer de betreffende brief in de geschiedenis van de Kerk van toepassing zal zijn. De zeven brieven aan engelen beschrijven de bijzonderheden van de wereld én de toestand van de Kerk als profetie tussen Pinksteren en het oordeel in zeven perioden.

Hoe nodig de uitleg van het geheim van de sterren en gouden kandelaren is, leert de blindheid van hen die in "hetgeen wat is" niet de profetieën zien van "hetgeen na dezen geschieden zal"! Hoewel de zeven sterren in de rechterhand van Jezus engelen zijn van de zeven gemeenten, en zeven gouden kandelaren zeven gemeenten, zien de meeste uitleggers in de brieven alleen "wat is" zonder het geheimenis over wat na dezen geschieden zal bij de uitleg te betrekken!

Nu in elke brief de stad de toestand van de wereld is én hun gemeente die van de Kerk in de periode afhankelijk van de plaats in de reeks van zeven, dienen ze tezamen worden toegepast. Kortom, voor het verstaan en verklaren van de brieven is de bijzonderheid van elke stad de toestand van de wereld en de geestelijke toestand van hun gemeente de Kerk, in de tijd afhankelijk van de plaats van de brief in de reeks van zeven tussen Pinksteren en het einde.

“Schrijf dan hetgeen gij gezien hebt, én hetgeen is én hetgeen na dezen geschieden zal, het geheimenis der zeven sterren, die gij gezien hebt in mijn rechterhand, en de zeven gouden kandelaren: de zeven sterren zijn engelen van de zeven gemeenten, en de zeven kandelaren zijn de zeven gemeenten”.

Op de vraag naar Gods bedoeling met de macht en invloed van de omstandigheden van de wereld op de Kerk, geeft de geschiedenis van Israël het antwoord. De geschiedenis van Israël leert, dat God de volken rondom Israël gebruikte, om Gods volk te louteren. Zoals de Here de volken rondom Israël gebruikte, precies eender gebruikt Hij de verschillende bijzondere omstandigheden van de wereld na Pinksteren om zijn Koninkrijk te bouwen en te bewaren.
En omdat Jezus Johannes twee keer opdracht gaf tot schrijven, maakt kenbaar dat het verstaan van de door Jezus gedicteerde brieven aan hun engel voor de Kerk noodzakelijk is!

Johannes ging schrijven toen hij begreep dat Jezus samen met de engelen de wereld ten gunste van de Kerk leidt. En dat Jezus de toestand van de wereld en de Kerk in zeven tijden bepaalt. Het tweesnijdende scherpe zwaard in de mond van Jezus geeft haarscherp aan dat er zonder ernstige gevolgen geen woord aan dit boek mag worden toegedaan of afgenomen. Nu Jezus het geheimenis heeft uitgelegd, kan niemand zich daar meer achter verschuilen.

Het is derhalve "ongeloof" dit boek geheim te vinden en toepassing ervan gevaarlijk te achten!
Dankzij de zeven brieven aan de engelen van de steden, konden de martelaren van de vroege Kerk de hand van Jezus achter de vervolging door de Romeinse keizers zien en ervaren, waardoor het bloed van de martelaren het zaad van de Kerk werd!

Nu Jezus als de almachtige God leert dat de zeven brieven als profetieën de geschiedenis van de wereld en de Kerk beschrijven, geeft dit een totaal ander inzicht in het laatste Bijbelboek! Want nu blijkt dat de zeven brieven de wereld en de Kerk tot het einde beschrijven, komt de verzegelde boekrol pas in de laatste periode van Laodicea aan de orde. Het gezicht toont de zeven brieven niet alleen als profetieën, maar geven ook aan dat Jezus de verzegelde boekrol in de laatste tijd van Laodicea ter hand neemt en toepast. Jezus neemt de boekrol als men niets te maken wil hebben met de woorden van Jezus: dat de Kerk geestelijk arm naakt en blind is.

In de laatste periode zal een rijk sociaal stelsel de Kerk vooral in het Westen tot geestelijke lauwheid verleiden. De rijkdom zal niet alleen de verantwoordelijkheid van het bestaan doen afnemen. Maar ook zal men menen zonder “toe-eigening” deel te hebben aan Gods heil! Wanneer de kerken zich door het verbond rijk rekenen en ze niets willen horen van verdrukking door schuld, toont de Here door de boekrol Gods toorn over hun lauwheid.

En de lauwe toestand van Laodicea is nu al wereldwijd zichtbaar en merkbaar in de kerken. Daarom is het thans de tijd dat Jezus door de verzegelde boekrol Israël en de Kerk oproept, de hoofden op te heffen en te letten op de werken van Jezus als “sporen van de wederkomst”. Want van de plagen uit de boekrol zijn reeds vele “sporen” zichtbaar in onze wereld:

“Schrijf hetgeen gij gezien hebt, én hetgeen is én hetgeen na dezen geschieden zal”.

NAAR BOVEN

 

 


 

Tijdens de ballingschap op Patmos kreeg Johannes als eerste inzicht over tijd na Pinksteren door de omstandigheden van zeven steden
Bron: www.bibleexplained.com
Het eiland Patmos

Gezicht
toont
kenmerken
 steden
en
Kerk
als
profetie
 

 

 

 

 

 


 

 


 

Geen volk heeft zo erg geleden door andere volken na de verwoesting van de tweede tempel dan de Joden.
Bron: Woord
in Beeld ©Ten Have/Kok Kampen
Jezus en Jeruzalem

.

Aanraking
Johannes
door
engelen
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 




Verschijning van engelen gaan gepaard met een boodschap in de tijd.
Bron: www.bibleexplained.com
de engelen

Gouden
kandelaren
markeren
zeven
perioden

 

 

 




 


Jezus Christus was de eerste tegenover de ongelovige Egyptenaren bij de uittocht van Israël door de Rode Zee.Bron Bron: www.bibleexplained.com
 Christus, de koning over Kerk
en wereld

Boekrol
pas in
periode
van
Laodicea


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 


 


Laodicea, de stad met de vrouwennaam en het lauwe water vertolkt hun lauwe reactie  over de ene weg tot ontkoming aan de hel.
Bron: Fotogids NT J.N. Voorhoeve
Laodicea
 


 

START      Copyright © 2021, R.H. Keegstra; voor meer informatie: ds.r.h.keegstra@planet.nl of  0594 549542;  Laatst gewijzigd: 23-11-2021