De laatste halve jaarweek van Jeruzalem
-
“Welzalig hij, die blijft verwachten en duizend drie honderd vijf en
dertig dagen bereikt”. Dan. 12: 12.
Na de Makkabeeën, spreekt
Daniël 11:33 over “verstandigen” in plaats van koningen.
Het spreken over verstandigen gebeurt na de kruisdood van de gezalfde Jezus
Christus. Met de “verstandigen” uit Daniël 11:33 zullen de Apostelen en
gelovigen zijn bedoeld, die na Pinksteren velen door het geloof in Jezus
Christus tot inzicht hebben gebracht. Dat de “verstandigen” een tijdlang
door vuur, het zwaard, gevangenschap en beroving krachteloos zijn, doelt dan
op de vervolgingen van de vroege kerk door Romeinse keizers.
De kleine hulp die christenen kregen, gebeurde, toen de Romeinse keizer
Constantijn de christenen in 313 na Christus vrijheid van godsdienst gaf
door het Edict van Milaan.
Echter ondanks het Edict van Milaan zullen ook in de loop van de tijd
sommige verstandigen of christenen krachteloos zijn. Krachteloos zijn heeft
als doel loutering, schifting en zuivering van Israël en de Kerk, waardoor
tot 787 na Chr. zeven oecumenische synoden nodig waren.
Maar het toeven van de
vastgestelde 3½ tijd duidt op de tweede helft van de 70e
jaarweek:
-
“En de verstandigen onder het volk zullen velen tot inzicht brengen; zij
zullen een tijdlang struikelen/krachteloos zijn (RHK) door zwaard en vuur,
door gevangenschap en beroving. Doch, terwijl zij struikelen/krachteloos
zijn,(RHK) zullen zij een kleine hulp vinden; dan zullen velen zich in
huichelachtigheid bij hen aansluiten…tot aan de eindtijd; want deze toeft
nog tot de vastgestelde tijd”.
Echter heel de 70e
jaarweek maakt God het verbond zwaar voor Jeruzalem(Daniël 9:27). Wat zwaar
maken is, werd in de eerste helft van de 70e week openbaar, toen
in Jeruzalem 1,1 miljoen doden vielen en de stad na een 3½ jarige opstand in
70 na Christus totaal is verwoest.
De verwoesting van Jeruzalem gebeurde naar de woorden van Jezus door hun
ongeloof: “omdat gij de tijd niet hebt opgemerkt, toen God (in Jezus) naar u
omzag” lucas 19:44.
Daar het zwaar maken voor
heel de 70e jaarweek geldt, dient de ondergang van Jeruzalem in
de eerste helft in 70 na Christus als voorbeeld voor de tweede
en laatste helft..
Intussen zijn de Joden bijna 2000 jaar buiten Jeruzalem verstrooid over de
volken, terwijl de tweede helft van de 70e jaarweek tot 1980 niet vervuld was. Echter volgens Gabriël tellen de 70 jaarweken
alleen als het Joodse volk Jeruzalem regeert.
Maar doordat het parlement (de
Knesset) door een wet de heilige stad in 1980 als hoofdstad van Israël annexeerde,
is het koningschap van de Joden over Jeruzalem weer hersteld.
Nu de Joden sinds 1980 voor het eerst in bijna twee duizend jaar het beheer
over Jeruzalem hebben, is de tweede helft van de 70e jaarweek in
werking getreden en begonnen af te tellen.
Daarom is het hoog tijd na te
gaan of de koning uit Daniël 11:36 de tegenwoordige president van Israël is.
Deze is niet Antiochus IV zoals uitleggers beweren. Want de beschreven
koning in Daniël 11:36 trekt zich niets aan van afgoden of God. Hij doet wat
hem goeddunkt.
Ook offert de koning uit 11:36 niet aan afgoden zoals Antiochus IV, noch aan
de God des hemels. Terwijl Antiochus IV op het altaar van Gods tempel aan de
afgod Zeus offerde, verheft de president van Israël zich boven de God
van hemel en aarde! Want op de VN conferentie van 26-09-2025 j.l. schreeuwde
de president van Israël door middel van het Internet via luidsprekers in
heel de Gaza rechtstreeks tegen Hamas: “laat mijn volk gaan”. Met die
“ongehoorde” woorden tegen Hamas maakte de president zich aan God gelijk.
Immers met die oproep gebruikte hij dezelfde woorden, die Mozes en Aäron
eertijds namens God aan Farao moesten overbrengen.
Verder vermoordt deze
president uit “gramschap” de leiders van elk land dat Israël bedreigt of
aanvalt. Dit sluit aan bij de gramschap van de koning uit Daniël 11:36.
Maar ook de tijd van de gramschap van de koning uit Daniël 11:36 is
vastgesteld. Sterker nog, zodra de gramschap van deze koning vol is, houdt
de tijd op! Zodat deze koning de laatste is, die in de tweede helft van de
70e jaarweek tot het einde over Jeruzalem regeert:
-
”Ook op de goden van zijn vaderen zal hij geen acht slaan; op de lieveling
van de vrouwen noch op enigen anderen god zal hij acht slaan, want tegen
alle zal hij zich verheffen”.En de koning zal doen wat hem goeddunkt; hij
zal zich verhovaardigen en zich verheffen tegen elke god, zelfs tegen de
God der goden zal hij ongehoorde woorden spreken, en hij zal voorspoedig
zijn totdat de maat van de gramschap vol is; want wat vastbesloten is,
geschied”.
Verder zoekt deze koning,
in overeenstemming met het gezicht zijn kracht en vertrouwen in “wapentuig”
in plaats van bij God. Aan wapentuig besteedt hij grote sommen geld! Zulk
een absolute verering van het wapentuig hebben Israëls vaderen niet gekend:
-
“Maar in hun plaats zal hij de god der vestingen vereren: den god dien
zijn vaderen niet gekend hebben, zal hij vereren met goud en zilver en
edelgesteenten en kostbaarheden”.
Wegens meerdere oorlogen
door buurlanden, probeert de president van Israël door wapentuig de vijand
te vernietigen. Ook paste hij in de laatste oorlog de wetten van Exodus niet
toe.
Verder deelt hij land van de “Westbank” uit aan kolonisten, die hem in het
zadel houden:
-
“En hij zal optreden tegen de versterkte vestingen met de hulp van de
vreemde god; ieder die deze erkent, zal tot grote eer komen; hij zal hen
tot heersers maken over velen en hen de aarde toedelen als loon”.
Maar ten laatste zal de genoemde koning
rechtstreeks botsen met de koning van het Zuiden.
Daar deze koning Egypte financieel zal benadelen, is de koning van het
Zuiden niet Egypte. De koning van het Zuiden die Israël met hoornen zal
stoten, is volgens de profeten Jesaja 13 en Jeremia 50 de koning van Iran.
Het stoten met hoornen kunt u vandaag toepassen op een aanval met raketten
en drone’s op Israël. Terwijl het te hulp schieten van Israël met vele
schepen in overeenstemming is met het onderscheppen van raketten en drone’s
door afweerraketten van bevriende mogendheden, waaronder de V.S.
En dat de koning van het Zuiden als een
overstroming zal binnenvallen, gebeurde op 7 oktober 2023 door de inval van
Hamas in Israël, die vazallen van Iran zijn. Behalve de Houthi’s in Jemen heeft
Iran veel medestrijders aan de Middellandse Zee. Het financiert en onderhoud
relaties met Hamas en de Hezbollah in respectievelijk Gaza en Zuid-Libanon.
-
“Maar in de eindtijd zal de koning van het Zuiden (Iran) met hem
(Jeruzalem) in botsing komen, en de koning van het Noorden (Irak) zal op
deze aanstormen met wagens en ruiters en vele schepen, en hij zal de
landen binnenvallen.e als een overstroming steeds verder om zich
heengrijpen. Ook het Sieraadland zal hij binnenvallen en velen zullen
krachteloos zijn (RHK)”.
Hoewel Jordanië de meeste
Palestijnse vluchtelingen heeft , zijn de woorden over Edom, Moab
en de Ammonieten in Jordanië waarheid. Genoemde volken zijn geen vazal van
Iran:
-
“maar aan zijn macht zullen ontkomen: Edom, Moab en de keur der
Ammonieten.”
Ook kost de aanvallen van de Houthi’s Egypte
het goud, zoals wordt geprofeteerd. Niet alleen leggen de Houthi’s de
scheepvaart door het Suez-kanaal stil, maar ook loopt Egypte door de
sluiting van de Hormuz met het stilvallen van het toerisme vele miljarden
aan inkomsten mis:
-
“En hij zal zijn hand uitstrekken tegen de landen, en het land Egypte zal
niet ontkomen, maar hij zal de schatten bemachtigen van goud en zilver en
kostbaarheden van Egypte; en Libiër en Ethiopiër zullen in zijn gevolg
zijn”.
Ofschoon het herstelde
koningschap over Jeruzalem voorspoed zal hebben, blijft dat niet zo. Zodra
de gramschap vol is, is het einde daar. Want dit gezicht gebeurt in de
tweede helft van de 70e jaarweek, die zal uitlopen op de
wederkomst van Jezus.
Ook zullen in de tweede
helft evenals in de eerste helft van de 70e jaarweek vele
slachtoffers in Jeruzalem vallen. Want God zal het verbond in heel de
laatste week zwaar maken, zodat de omstandigheden in de tweede helft
vergelijkbaar zal zijn met de slachtoffers door de burgeroorlog in de eerste
helft. Genoemde zwaar maken dient om Israël tot bekering te leiden.
De genoemde benauwdheid als gevolg van
vele doden door gruwelijke wapens op vleugels, komt mede door de
verschijning van Gods Zoon. Denk aan Jezus woorden in Lucas 19:42vv en aan
die in Mattheus 24:15vv:
-
“En geruchten uit het Oosten en uit het Noorden zullen hem ontstellen,
zodat hij in grote grimmigheid zal uittrekken om velen te verdelgen en te
vernietigen.
Hij zal zijn staatsietenten opslaan tussen de zee en den berg van het
heilige Sieraad, maar dan komt hij aan zijn einde, zonder dat iemand hem
helpt”.
Terwijl de oorlog tussen Israël en Iran in
de wereld tot groeiende nood leidt, worden de gelovigen voor die nood
bewaard. Want de vorst Michaël zal opstaan en zowel Joden die in Jezus
geloven als gelovigen uit alle volken tot de opname beschermen.
Want Michaël kan alleen hen redden, die
geschreven staan in het boek des levens!
Michaël redt “Messias belijdende Joden en
gelovige heidenen” die op Israël zijn ingeënt.
Het opstaan van de aartsengel Michaël bevestigt niet alleen op zwaar
maken van het verbond in de tweede helft van de 70e jaarweek, maar ook op de
wederkomst van Gods Zoon:
-
“Te dien tijde zal Michaël opstaan, de grote vorst, die de kinderen (RHK)
van uw volk terzijde staat; en er zal een tijd van grote benauwdheid zijn,
zoals er niet geweest is sinds er volken bestaan, tot op dien tijd toe.
Maar in die tijd zal uw volk ontkomen; al wie in het boek geschreven wordt
bevonden”.
Op de vraag hoelang de tijd
tot het einde toeft, zweert de engelenvorst: “3½ tijd”. Maar behalve de 3½
tijd noemt de engel nog een zeer belangrijk teken. In diezelfde 3½ tijd zal
een einde komen aan de verbrijzeling van de macht van het heilig gemaakte
volk. Het Griekse werkwoord heilig maken staat in de “perfectum”, wat
betekent dat het om een volk gaat dat in het verleden heilig gemaakt is
geworden. En dat geldt alleen voor Israël. Daar Israël het heilig gemaakte
volk is, is een einde aan de verbrijzeling van de macht herstel van hun
macht.
Met het huidige herstel van het koningschap van Israël beantwoord Jezus de laatste vraag,
die de discipelen in Handelingen 1:6 meteen voor zijn Hemelvaart stelden.
De 3½ tijd bepaalt elke
lezer niet alleen bij de tweede helft van de 70e jaarweek, maar
ook bij de herstelde macht van het tegenwoordige Israël en de koning uit
Daniël 11:36.
Nu het heilig gemaakte volk op Israël betrekking heeft, is de genoemde
koning de president van Israël, die het Joodse volk als een militaire macht
leidt. Dat is vandaag het geval. De herstelde macht geeft aan dat de
president van Israël dezelfde is als de koning in Daniël 11:36:
-
“Hoelang toeft (wacht) het einde van deze buitengewone dingen.
-
En ik, Daniël, zag en zie, daar stonden twee anderen, de een aan dezen oever
van de rivier, en de ander aan genen oever der rivier, en de een zeide tot
de man die met linnen klederen bekleed was en zich boven het water van de
rivier bevond: hoelang toeft het einde dezer wonderbare dingen? Toen hoorde
ik den man die met linnen klederen bekleed was en zich boven het water van
de rivier bevond, zweren bij Hem die eeuwig leeft, terwijl hij zijn rechter
en linkerhand naar de hemel hief:Een tijd, tijden en een halve tijd en een
einde zal gekomen zijn aan de verbrijzeling van de macht van het heilig
gemaakte volk en deze dingen bekend worden RHK”.
Dit gezicht, dat verborgen en verzegeld is “tot” de eindtijd zoals tweemaal
wordt gezegd (12:4 en 9), is tot en met de koning werkelijkheid, zodat de
aardse tijd echt begonnen is af te lopen:
-
“want deze dingen blijven verborgen en verzegeld tot den eindtijd.. en
geen van de goddelozen zal het verstaan, maar de verstandigen zullen het
verstaan”.
Ter bevestiging van de komst van de meer genoemde
tweede helft noemt de engelenvorst twee getallen. Beide getallen hebben
betrekking op Jeruzalem. Het eerste getal, 1290 dagen moet niet vanaf de
ondergang van de tempel worden geteld, maar vanaf de tijd van de bouw van
een gruwel op het tempelplein. De gruwel die verwoesting brengt is de
moskee op het tempelplein met als opschrift: “God heeft geen Zoon”. Het
opschrift op het tempelplein is
een gruwelijke ontheiliging van God, die zijn Zoon gegeven heeft tot
verzoening van alle zonden voor iedere gelovige ootmoedige bidder. JWant
Jezus is de ene weg tot behoud!
De
genoemde gruwel is in 690 na Christus door mohammedanen opgericht.
Het getal 1290 in jaren
geteld vanaf de bouw van de gruwel in 690, komt uit bij het jaar 1980. In
1980 is het koningschap over Jeruzalem hersteld, evenals hun genoemde
militaire macht. Sindsdien regeren de Joden Jeruzalem en telt de tweede
helft van de 70e jaarweek af.
Maar de tweede helft zal voor de inwoners van Jeruzalem zwaar worden wegens
de verwoestingen op de plaats die woest is en waartoe vastbesloten is. Die
woeste plaats is het tempelplein te Jeruzalem, dat nog woest is en vanaf 690 na
Christus door het opschrift een gruwel:
-
“En van den tijd af dat het dagelijks offer wordt gestaakt en een gruwel
wordt opgericht, die verwoesting brengt, zijn het duizend tweehonderd en
negentig dagen”
De engel geeft nog een
tweede getal dat 45 dagen verschilt met de 1290 dagen. Het tweede getal is
de tijd, dat de Joden in de genoemde tweede helft Jeruzalem zullen
regeren. De engelenvorst brengt beide getallen in verband met de 3½ tijd van
de 70e jaarweek, terwijl de Joden Jeruzalem regeren.
Dit herstel is sinds 1980 in de hele wereld bekend.
Het boekje Daniël wordt
afgesloten met een verklaring, die gelukzaligheid afhankelijk maakt van het
geloof. Alleen hij is gelukzalig die de getallen letterlijk telt. Want
blijven verwachten tot 1335 dagen kan alleen bij een letterlijke toepassing
van de genoemde getallen. Zodat hij gelukzalig is, die de getallen over
Jeruzalem gelooft en Jezus blijft verwachten.
En daar de Joden in de eerste helft van de 70e
jaarweek tot 70 na Chr. slechts 3½ jaar over Jeruzalem hebben geregeerd,
zijn van de 70e jaarweek niet alle 46 jaren geteld:
-
“Welzalig hij, die blijft verwachten en duizend drie honderd vijf en
dertig dagen bereikt”.
.
NAAR BOVEN